UI­TGELICHT! Ecodorp Zuiderveld Nijmegen

Ecodorp-Zuiderveld-Nijmegen-Van-idealen-naar-circulaire-realiteit-vooraanzicht

Van idealen naar circulaire realiteit

In gesprek met Rudi Koster en Bart Heijs

Duurzaam, circulair, vergroening, participatief én sociaal wonen. En dat in één project. Dat kun je gerust een uitdaging noemen. Juist die uitdaging maakte dat alle betrokken partijen de rek opzochten en buiten de gebaande paden gingen. Met succes. De duurzame leefgemeenschap Ecodorp Zuiderveld Nijmegen is gerealiseerd binnen een nieuwbouwwijk, iedereen voelt de trots en het functioneert zoals bedoeld. Bínnen budget.

Ecodorp Zuiderveld Nijmegen van idealen naar circulaire reliteit gezamenlijke ecologische tuin

In den beginne…

Woningcorporatie Talis en Hoogte 2 Architecten vonden in CVEG (Coöperatieve Vereniging Ecodorpen Gelderland) de perfecte partner om een net even andere invulling te geven aan het stedenbouwkundige plan dat er lag voor uitbreidingswijk Zuiderveld in Nijmegen. Het ontstaan van het bijzondere project Ecodorp Zuiderveld was een feit. Rudi Koster, architect: “Waar het oorspronkelijke plan ruimte bood aan 32 standaard woningen (huisje, tuintje, schuurtje), heeft de woongroep CVEG een heel ander beeld bij wonen. Samen leven en de ecologische footprint zo klein mogelijk houden. Met dit uitgangspunt zijn we opnieuw gaan ontwerpen en kwamen we tot 3 schuurvolumes die in totaal ruimte bieden aan 46 huishoudens.”

Mooie ideeën, nog mooiere idealen en geweldige plannen vlogen over de tekentafel, maar als snel bleek het financieel niet haalbaar. Want naast de prachtige idealen was er sprake van sociale woningbouw, wat een beperkt budget met zich meebrengt.

Rudi Koster
Hoogte 2 Architecten
Bart Heijs
Trebbe Wonen

Architecten
Hoogte 2 Architecten

Uitvoering
Trebbe Wonen

Opdrachtgever
Woningcorporatie Talis

Producten
Gevelstenen

Fotografie
Walter Frisart FOTOwerk

Uitdaging: hoe kunnen we voor Ecodorp Zuiderveld Nijmegen toch komen tot circulaire, betaalbare woningen?

En daar deed, op initiatief van Talis, Trebbe Wonen zijn intrede. Bart Heijs van Trebbe: “Wij waren misschien in eerste instantie niet de ideale aanvulling op het bouwteam gezien vanuit de ideologie van de woongroep, want wij werken veel met beton en dat is toch wat anders dan leem. Maar onze ervaring met nét even anders bouwen gaf de doorslag.” Net even anders bouwen werd in dit project de rode draad. Bart: “In eerste instantie hebben we met de wooneisen die er lagen ons standaard concept BasisWonen voor de rijwoningen en NieuwePortiek voor de appartementen erbij gepakt. Deze concepten hebben we als basis gebruikt om een rekensom te kunnen maken voor het totaal. Door het plan rationeel en efficiënt op te bouwen bleef er een serieus budget over. Dit budget is ingezet om het plan op te plussen met de wensen en ambities van woongroep CVEG, zoals gemeenschappelijke ruimten en circulariteits- en duurzaamheidsmaatregelen.

Uitdaging: hoe kunnen we de standaard bouwmaterialen vervangen om duurzaam bouwen te realiseren binnen budget?

In deze fase ontstond de glans. Rudi: “Het ging zeker niet zonder slag of stoot, maar door respect te hebben voor elkaars visie en allemaal steeds de rek op te zoeken, zijn er hele creatieve en vernieuwende oplossingen gevonden. Een paar voorbeelden: in plaats van het klassieke beton, hebben we beton gemaakt waar oud puingranulaat in verwerkt is. De dakisolatie bestaat uit gerecyclede spijkerbroeken. Voor de circulaire buitenkozijnen is er accoya hout gebruikt, dat wel iets duurder is in aanschaf maar wat niet behandeld en onderhouden hoeft te worden met lak of verf. De voordeurkozijnen van de appartementen zijn gemaakt van sloophout. We zijn bij elk onderdeel buiten de gebaande paden gestapt en gekeken naar wat wél kon in plaats van naar wat niet.”

Zo ook bij de bakstenen. Bart: “Het ideaal van het project was zo min mogelijk nieuw te ontwikkelen materialen gebruiken. Oude stenen uit sloopprojecten afbikken en hergebruiken klinkt mooi, maar dat zou jaren duren. Kant en klare tweedehands stenen zijn wel beschikbaar, maar vaak heel kostbaar.”

Ecodorp-Zuiderveld-Nijmegen-Van-idealen-naar-circulaire-realiteit-schuurvolume-3-web

Uitdaging: hoe komen we aan een oplage bakstenen waarmee we 46 woningen kunnen bouwen die tegemoet komen aan de circulaire idealen?

Aan Aberson-collega Berry Haverkamp de eer om met deze uitdaging aan de slag te gaan. Bart: “Berry kwam met het voorstel om bij fabrikanten op zoek te gaan naar kleine partijen en restpartijen die veelal bij de fabrikant op het tasveld blijven staan en vaak geen bestemming krijgen. Niets nieuws geproduceerd, maar wel stenen die kwalitatief en kwantitatief voldoen aan alle normen. Perfect voor dit project dus. Uiteindelijk zijn we uitgekomen bij Engels Oeffelt. Daar hebben we onder begeleiding van Berry met een aantal leden van de woongroep, Talis, de architect en ikzelf een middagje gepuzzeld met stenen. Net zo lang tot we gezamenlijk de ideale mix gevonden hadden. Uiteindelijk is het een mix geworden uit vijf verschillende restpartijen die anders in de container zouden belanden.”

Foto: Bart Heijs - Trebbe Wonen
Foto: Bart Heijs – Trebbe Wonen

Daarnaast is er gebruikt gemaakt van kalkmortel, zodat in de verre toekomst wanneer het project gesloopt gaat worden de mortel makkelijk van de stenen af te bikken is en de stenen weer opnieuw te gebruiken zijn. Rudi: “Zo is er door het gehele proces, van schets tot uitvoering, gekeken of er een ecologisch alternatief mogelijk was om zo circulair mogelijk te kunnen bouwen. Voor nu en later.”

Ecodorp-Zuiderveld-Nijmegen-Van-idealen-naar-circulaire-realiteit-selectie-bakstenen-mix-restpartijen-web

Missie volbracht: duurzame leefgemeenschap Ecodorp Zuiderveld Nijmegen staat en draait

Na heel wat overleggen, uitrekenen, aanpassen en onderzoeken is het gelukt. Er staan drie volwaardige schuurvolumes voor in het totaal 46 huishoudens. Inclusief een gezamenlijk gemeenschapshuis met keuken, slaapkamers voor logees, meditatieruimte, rolstoeltoegankelijke ruimtes en een grote gezamenlijke tuin met gedeelde schuur. Allemaal binnen budget.

Bart: “Iedereen is in dit proces uit z’n eigen comfortzone gestapt om het hogere doel te realiseren en dat maakt mij, en alle betrokken, zo megatrots.” Rudi: “Dat de woongroep er nu prettig woont, maakt het voor mij een geslaagde missie. Zij hebben ook water bij de wijn moeten doen om het project gerealiseerd te krijgen, maar realiseerden zich dat met dit project de standaarden in de bouw een stuk duurzamer kunnen worden. Alle gevonden oplossingen nemen wij in volgende projecten direct weer mee. Hiermee is het maatschappelijke effect velen malen groter dan wanneer er één volledig duurzaam en daarmee ook peperduur project gerealiseerd zou zijn.”

Ecodorp Zuiderveld nijmegen in beeld

  • Ecodorp-Zuiderveld-Nijmegen-Van-idealen-naar-circulaire-realiteit-ecologische-geveltuintjes-web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - ecologische tuin en gezamenlijke schuur web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - schuurvolume 2 web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - schuurvolume 2 web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - schuurvolume 2 web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - selectie bakstenen mix restpartijen web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - vogelnestjes web
  • Ecodorp Zuiderveld Nijmegen - Van idealen naar circulaire realiteit - woning web
We helpen je graag

Ook graag hulp bij de perfecte gevelsteen voor jouw project?

Ook graag hulp bij de perfecte gevelsteen voor jouw project?

Neem contact op

Steenstrips in Breda. ‘Schitterende details’

Steenstrip is er een lichtere constructie nodig

Of het nu van baksteen is, een gevelsysteem of met steenstrip: soms kom je een gevel tegen waar je keramische hart gewoon een sprongetje van maakt. Voor onze collega – en specialist in steenstrips – Gerard Hobo is dat Moore in Breda. ‘Het is een prachtgebouw met schitterende details.’ Gerard vertelt waarom deze steenstrip hier gewoon thuishoort.

Het kantoorpand aan de A16 bij Breda schittert (letterlijk) in de zon. De combinatie van een steenstrip met andere materialen maken het direct tot een opvallende verschijning. Collega Gerard Hobo, al 14 jaar bij Aberson, pikt dit gebouw eruit als een parel met keramische steenstrips in de hoofdrol. Gerard: “Als je naar het ontwerp kijkt, is het een vrij strak gebouw. Tegelijkertijd maakt de vormgeving het ook heel uitdagend. Er zit veel verfijning in.”

Gerard Hobo
Gerard Hobo
Steenstripspecialist

Architecten
RIENKS Architects

Uitvoering
Winters bouw & ontwikkeling

Producten
Steenstrips

Gevelisolatiesysteem
Sto

Uitvoering gevel
Uitvoering gevel: L&L Totaalafbouw

Steenstrip als keramische gevelbekleding

De architect wilde ‘anders bouwen’ en koos voor een betoncasco met een isolatiesysteem en daarop een keramische steenstrip op de buitengevel. Gerard: “Voor de architect was het een nieuwe manier van bouwen, waarbij snelheid en kostenbewust bouwen belangrijk was. Als specialistisch bouwteam van architect, aannemer, Sto (voor het gevelisolatiesysteem), de verwerker en Aberson (voor de keramische steenstrip) realiseer je dat samen.”

We wilden een zwevend volume creëren met een ranke uitstraling. Door te werken met zo’n dunne steenstrip, konden de penanten hun slanke werking krijgen.

Ernest Pieters, RIENKS Architects
Overzicht van het hele gebouw met keramische gevelbekleding

Fijne details met strips

De vormgeving van het gebouw heeft veel hoeken en vormen. Gerard: “Precies daarom leent dit ontwerp zich goed voor een gevel met gevelisolatie en een keramische steenstrip. De achterconstructie van EPS kun je namelijk heel mooi vormen. Daardoor heb je veel minder arbeid en stelwerk dan als je traditioneel zou bouwen. En het geeft de architect echt veel ruimte om buiten de lijntjes te kleuren.”

Overstek met keramische steenstrip

Bijvoorbeeld het overstek van de buitengevel met een plafondafwerking van strips. “Natuurlijk, als je er een baksteen in wilt metselen dan kan dat. Maar met keramische steenstrips gaat dat snel en het resultaat is heel strak.”

Penanten zijn te maken met steenstrips

Een ander voorbeeld van een mooi detail dat goed tot uiting komt door de steenstrips, zijn volgens Gerard de penanten. “Die zie je hier naast de raamkozijnen. Allemaal schuin, zoals lamellen. Het zijn speciale hoeken, niet haaks. Met EPS bracht Sto de vorm aan op de vlakke binnenwanden, waarna je dus de strips erop zet.”

Met een steenstrip kun je goed afwijkende hoeken maken zoals bij deze penanten

Steenstrip hoek

In dit voorbeeld zie je een hoek met steenstrips. Hier is gekozen om de strips door te laten lopen. Een andere manier is om speciale hoekstrippen te laten maken of de strips in verstek te zaken en te lijmen. Gerard: “Voor deze buitengevel hoefden er geen speciale hoekstrippen te worden gemaakt, dat staat hier heel mooi en het is ook meteen kostenbesparend.”

Hoekoplossing met steentrip buitengevel

Waarom deze steenstrip?

De architect koos voor deze steenstrip ten eerste vanwege de esthetiek. Gerard: “Het lijkt op een baksteen en dat was de bedoeling. Deze strip past bovendien goed bij de andere gevelbekleding. Gerard: “Ik vind het persoonlijk heel mooi, de combinatie die de architect koos voor dit design. Dat brons-achtige. Heel stijlvol.”

Hoek van een gebouw met een lichte keramische gevel

Een andere belangrijke reden was de wateropname. Die is bij deze specifieke keramische steenstrip bijzonder laag. Gerard legt uit: “Het pand staat vrij dicht naast de snelweg. Vaak zie je dat panden op zo’n plek snel smoezelig worden. Wij adviseren daarom altijd een steenstrip met een hele lage wateropname. Daardoor blijft de buitengevel langer mooi, ondanks vocht en vuil. Deze steenstrip werd trouwens gemaakt door een fabriek die van origine tegels maken. Zo heb je ook de kwaliteit van een keramische tegel, zoals je die kent van wand- en vloertegels.”

Gebouw met steenstrip langs de snelweg

Voeg steenstrip

Om het gevoel van een buitengevel met baksteen na te bootsen, kregen de keramische steenstrips een voeg. Gerard: “Sto stemt dat helemaal af op het isolatiesysteem. Zij geven ook garanties op het systeem, vandaar. Dat is heel prettig voor een opdrachtgever, omdat het hen ontzorgt. De rol van Aberson is om de juiste keramische steenstrip aan te dragen voor het systeem.”

Steenstrip voor duurzaam bouwen

Een ander -niet onbelangrijk- punt is dat Gerard de keuze voor steenstrips goed vindt passen in het actuele CO2-vraagstuk: “We moeten met z’n allen ervoor zorgen dat we de CO2-uitstoot terugdringen. Dit is een mooie stap: je hebt namelijk minder materiaal nodig bij een steenstrip. Baksteen is natuurlijk dikker. Er is minder energie nodig bij het afbakken en minder transport, wat ook CO2 uitspaart. Alle beetjes helpen.”

Moore in Breda met een lichte strip

Minder gewicht met een steenstrip

Het gebouw staat op palen en heeft eronder een parkeervoorziening. Gerard: “Dat betekent ook dat het gewicht van de keramische gevel belangrijk was. We zeggen wel eens: “Hoe lichter je bovenbouw, hoe minder je in de grond hoeft te stoppen.” Door de steenstrips, een lichtere vorm van keramische gevelbekleding, kon de opbouw van de fundering dus ook lichter zijn.

Steenstrip is er een lichtere constructie nodig

Prachtontwerp

Zowel qua vorm als praktische toepassing, vindt Gerard dit project een parel: “In dit ontwerp zat gewoon veel uitdaging, dat maakt mijn werk zo leuk. De keuze voor de hoekafwerking, de kleurkeuze, de schuine penanten, de onderkant van het plafond… De architect heeft heel vrij kunnen ontwerpen. Ik vind het mooi hoe de keuze voor anders bouwen zo goed uitpakt, op alle gebieden. “Het is gewoon een prachtontwerp. Heel sjiek.”

Zijkant van de penanten met steenstrips op de buitengevel
We helpen je graag

Met ons sparren over je ideeën voor een gevel met steenstrips?

Neem contact op

Smalle bakstenen. Gevelstenen van de toekomst?

Smalle bakstenen - header

CO2-uitstoot, stikstofcrisis, stijgende gasprijzen… Dat we voor uitdagingen staan, weten we. Nóg vaker rijst de vraag: wat kunnen wíj, de keramische branche, doen? Welke materialen en oplossingen dragen een steentje bij aan de oplossing? In dit blog: het eco-formaat onder de loep. Ofwel: de smalle baksteen.

Laten we meteen met de deur in huis vallen: eco-formaten of smalle bakstenen zijn niet nieuw. Ze bestaan al zeker meer dan 20 jaar. Maar vervangen heeft de smalle baksteen, de ‘normale’ baksteen niet. Hoe kan dat? We kijken eerst eens naar wat smalle bakstenen opleveren en daarna naar de aandachtspunten.

Wat zijn eco-formaat bakstenen? Ofwel: smalle bakstenen?

Eco-formaat bakstenen zijn, op het oog, hele gewone bakstenen. Maar ze zijn simpelweg een stuk smaller. In plaats van de gebruikelijke 100 mm, is deze smalle baksteen zo’n 65 á 70 mm diep. Van buiten zie je dat niet, misschien alleen de kenner. Maar kijk je naar de schil van een gebouw, dan levert dat een aanzienlijk slankere gevel op.

Waarom smalle bakstenen?

Laten we ons eerst die vraag stellen. Een eco-formaat baksteen is zo’n 30% slanker dan een gewone baksteen. Met minder steen houd je meer ruimte over in de spouw. Ruimte voor extra isolatiemateriaal. En dat draagt, zéker op langere termijn, positief bij aan je footprint. Een smalle baksteen kan ook een positieve bijdrage leveren aan de milieuprestatieberekening van een gebouw. Zo scoort een eco-formaat in theorie beter in de berekening dan een gewone baksteen. En het levert daarbij ook nog een lichtere constructie op. Een slankere spouw kan, als je niet voor extra isolatie kiest, ook een ander interessant voordeel opleveren: je houdt namelijk meer m2 aan plattegrond over.

Dan is er het punt van de grondstoffen. Om een smalle baksteen te maken, heb je 30% minder grondstoffen nodig. Dat geldt ook voor de energie. Er kunnen meer bakstenen tegelijk gebakken worden. En dat bespaart gas. Hot item natuurlijk. Bovendien, als je minder vaak stookt voor hetzelfde aantal stenen, wordt ook de CO2-uitstoot minder.

Smalle bakstenen EcoBrick van Wienerberger
Bron: Wienerberger

Dat leidt ons naar het volgende praktische punt: transport. Ook dat wordt minder, wat weer de CO2-uitstoot reduceert. En tot slot een menselijk puntje: op de site van Wienerberger, die al langer werkt met eco-formaten, lees je dat de stenen vriendelijker zijn voor de metselaar. Simpelweg omdat die in theorie minder gewicht hoeft te tillen op de bouwplaats.

Bron: Vande Moortel
Bron: Vande Moortel

Zijn er esthetische argumenten om voor een eco-formaat baksteen te kiezen?

In principe zie je aan de buitenkant niet dat de bakstenen smaller zijn. Dus nee. Maar dat hangt ook van de fabriek af. Er zijn ook smalle bakstenen van een langer formaat. Zo is er een leverancier met eco-formaten van 3 cm langer. Dan ga je al richting de langformaten.

Project met smalle bakstenen - Nelissen
Bron: Nelissen

Voor wie zijn smalle bakstenen interessant?

Smalle bakstenen zijn interessant voor iedereen met duurzaamheidsambities. Voor architecten die graag authentiek met baksteen willen werken, maar wel op zoek zijn naar duurzame toepassingen: de grondstoffen, CO2-uitstoot, het gasverbruik en de mogelijkheid om woningen meer te isoleren door de dunnere buitenschil. Of, en dat is niet per se een groene maar wel een belangrijke reden, voor het creëren van meer gebruiksoppervlak.

Smalle bakstenen EcoBrick - Wienerberger
Bron: Wienerberger

Zijn smalle bakstenen ook goedkoper?

Niet per se. Nu in ieder geval niet. De prijs is dus meestal niet het argument. Waar je trouwens wél op bespaart is mortel. Je hebt immers een minder groot oppervlak om met mortel te bedekken. Dus bespaar je ook daar 30% op. Ook is het assortiment met smalle bakstenen nu nog beperkt. Wienerberger heeft ze sowieso, Vande Moortel en Nelissen ook.

Smalle bakstenen - Infographic Vande Moortel
Bron: Vande Moortel

Waar moet je rekening mee houden?

Bij elkaar opgeteld lijken smalle bakstenen behoorlijk wat krachtige eigenschappen te hebben. En dat is wat ons betreft ook zo. Feit is ook: waren er alleen maar voordelen, dan bestonden de 10 cm bakstenen niet meer. De keuze voor een eco-formaat baksteen, vraagt namelijk om een iets andere manier van ontwerpen. En je moet rekening houden met een aantal technische aanpassingen. We zetten er hier een aantal op een rij.

Zo is het bijvoorbeeld mogelijk dat de metselaar meer verwerkingstijd nodig heeft. Dat komt door het draagvermogen. De steen is 65-70 mm breed in plaats van 100, en heeft daarmee dus zeker 30% minder draagvlak. Tegelijkertijd is de zuigkracht van de steen belangrijk. Hoe minder zuigkracht, hoe minder hoog je in één keer kunt opmetselen. De metselaar zal dan na een paar lagen steeds even moeten wachten, om het metselwerk te laten uitharden.

Een goed morteladvies is overigens onmisbaar bij eco-formaten. Vooral de hechtsterkte van de mortel steekt nauw: die zal meestal hoger moeten zijn dan mortels voor reguliere stenen. Geadviseerd wordt om te kiezen voor een doorstrijkmortel in plaats van traditioneel metselen en voegen. Het uiteindelijke resultaat van de gevel is uiteraard minder stabiel. Daarom moet je extra aandacht besteden aan het aantal spouwankers per m2. Het advies is om de fabrikant en de constructeur daar samen goed naar te laten kijken.

Tot slot zul je, vaker dan bij normale bakstenen, ook metselwerkwapening nodig hebben. Die pas je toe in de lintvoegen om de treksterktecapaciteit te verhogen. Een wapeningsnetje wordt dan mee-gemetseld om spanningsconcentraties in het metselwerk op te vangen. Wat weer kans op scheuren van het metselwerk vermindert.

Project smalle baksteen EcoBrick_Wienerberger - Prata_deBuurt_Utrecht
Bron: Wienerberger

Conclusie: zijn smalle bakstenen de toekomst?

Al met al hebben smalle bakstenen ontzettend veel elementen in zich om toekomstgericht(er) te gaan bouwen. Het is een slimme manier om meer te kunnen isoleren, te besparen op fossiele brandstof en CO2, en tóch authentiek met baksteen te kunnen bouwen. Tegelijkertijd moet je in de praktijk rekening houden met technische aanpassingen. Dan is de vraag: willen en kunnen we deze uitdagingen met elkaar tackelen? Samen met de aannemers en architecten van deze wereld? En is dit hét moment, met alles wat er gaande is? Wij kunnen we daar natuurlijk niet alleen een antwoord op geven. Maar nieuwsgierig kijken, onderzoeken en adviseren doen we graag. Met elkaar, voor de toekomst!

We helpen je graag

Met ons sparren over je ideeën voor een keramische gevel?

Neem contact op

UI­TGELICHT! Sinfonia in Utrecht

Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson totaal (1)

Golvende bloembakken, ronde hoeken en de ene kleurrijke gevel na de andere… Loop je door de nieuwste straten van Leidsche Rijn, dan kom je ogen te kort. Twee architectenbureaus, met elk een heel eigen signatuur, creëerden hier samen Sinfonia: twee unieke woonblokken waar geen gevel hetzelfde is. Een samenspel van beweging, plastiek en stedelijkheid. Maar ook tussen architecten. Dat is waar Sinfonia over gaat.

Sinfonia is nét af. De laatste stoeptegels worden nog gelegd en de eerste planten kleuren al voorzichtig in de bloembakken. De twee nieuwe woonblokken, tussen het nieuwe stadscentrum van Leidsche Rijn en het Amsterdam-Rijnkanaal, zijn pas bewoond. Marlies Rohmer Architecture & Urbanism en Dok architecten werkten er 5 jaar intensief samen aan. Van de allereerste schets, tot de puntjes op de i. Marlies Rohmer: ‘Want als er al zóveel niveau is, dan perfectioneer je dat. Tot in de kleinste details.’

In gesprek met Marlies Rohmer en Marta Meijer. Over hun intensieve samenwerking, unieke gevels en de toon die de muziek maakte.

Marlies Rohmer
Architecture & Urbanism
Marta Meijer
Dok architecten

Wat was jullie opdracht voor Sinfonia?

Marta: “Stedelijkheid. Dat was het uitgangspunt van het bureau van Jo Coenen. Zij deden de supervisie van het hele gebied. Omdat Leidsche Rijn werd geïnspireerd op de ideale Europese stad, vind je daar overal elementen van terug. Dus deden wij dat ook voor Sinfonia. De opgave had ook best wat tegenstellingen in zich. Enerzijds moesten het hoge gebouwen worden, met superhoge plinten. Maar het werden ook eengezinswoningen. Dus legden we een puzzel van het juiste aantal woningen waarin we óók die stedelijkheid bereikten.”

Marlies: “Het zijn inderdaad joekels van woningen. Eengezinswoningen van meer dan 200 m2, over 4 lagen. De opgave was heel divers: heel veel plastiek, details, verschillende hoogtes. Het was niet de bedoeling dat het massieve panden zouden worden, zoals die uit de 19e eeuw. De gevels moesten juist veel beweging krijgen. Ik moest zelf trouwens erg aan de Henri Polaklaan in Amsterdam denken. Daar zie je ook veel combinatie van plastiek en voortuinen. Toen stonden we wel voor een uitdaging. Want hoe zorg je ervoor dat het niet teveel wordt? Marta en ik zijn toen gaan zitten en hebben gedacht: ‘Wat vinden we belangrijk?’.”

Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson balkons hoogte

Marta: “Er werd inderdaad veel gevraagd, dus we hebben ook veel gegeven. Ik weet nog dat, toen we net begonnen met schetsen, we heel goed keken: waar de erkertjes, waar de balkons? En dat we zochten naar een fijne balans, zonder die rijkheid kwijt te raken. Het was een intensief maar leuk proces.”

Marlies: “We wilden niet ‘allemaal pandjes’ maken, zoals je dat nu in de nieuwbouwwijken veel ziet. Maar ook eenlingen, tweelingen, drielingen. Marta kan goed schetsen, dus maakte zij hele leuke schetsjes van onze gesprekken om die ideeën te verbeelden. Van Wanrooij (de opdrachtgever, red.) was volgens mij enorm verrast door onze schetsen, en wat we tekenden is ook allemaal echt gebouwd. Dat is echt bijzonder. Het ambitieniveau lag enorm hoog.”

Marta: “Door die tweelingen en drielingen, kregen we series met stedelijke gevelblokken. Zo ontstonden er ook hele sterke hoekpanden. Die houden de woningen bij elkaar als een soort ‘boekensteunen’.”

Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson hoek

Je noemde al eerder dat er veel plastiek in de gevels zit. Wat bedoel je daarmee?

Marlies: “Dat de gevels absoluut niet vlak moesten worden. Dus zijn er veel richeltjes en sprongen, zoals je dat ook in de grachtengordel ziet. En natuurlijk de plantenbakken, die zijn heel sculpturaal. Of de neggen van 3 koppen. Gewoon… hupsakee! Van wel 30 cm toch, Marta?”

Marta: “Ja, supergaaf. Nu hebben we een boog met zo’n hele diepe negge, met daarboven een raam juist helemaal vóór in die gevel. Dan krijg je enorm veel beweging. Dat is echt bijzonder om te maken.”

Marlies: “En het leuke van de plantenbakken vind ik dat, doordat ze er zo uitbulken, er een beschutting ontstaat boven de voordeur. Zo is er meteen een plek waar je op straat kunt zitten, waar je op een terloopse manier een krant leest of contact met iemand legt.”

Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson uitstekende ramen recht
Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson bloembak Rohmer

En de sprongen in de gevels?

Marta: “In grote steden zie je vaak, aan de gracht of in een klein straatje, een pandje dat ineens een stukje naar achteren springt. Met een pleintje of tuintje. Dat geeft een grappige dynamiek en dat wilden we hier ook. Dus maakten we een geel pandje: ‘het kerkje’. De gevel kreeg een eigen architectuur en we legden het een stukje terug. Daarnaast zijn er ook nog sprongen in de bovenste verdiepingen, waardoor je doorkijkjes krijgt. En een hele interessante, dynamische dakrand. Dus zo…hoogtes, sprongen, erkers… al die elementen zorgen voor enorm veel beweging. Dat is de plastiek die Marlies bedoelt.”

Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson kerkje

"Het was bijna alsof we een nieuwe stad bouwden met een grote groep architecten. Heel leuk."

Marta Meijer

Hoe zorgden jullie voor eenheid in het hele plan?

Marlies: “Voor het volledige plan waren we met heel veel architecten. Wel 15 dacht ik?”

Marta: “Er werden 7 woonblokken tegelijk ontwikkeld, waarvan wij deze twee. Samen met alle andere architecten hadden we sessies waarin we alles naast elkaar legden: ‘Dit zijn alle gevels. Wie zit waar? Hoe hoog? En wie heeft waar welke bakstenen? Zo konden we steeds verder verfijnen. Het was alsof we een nieuwe stad bouwden met een grote groep architecten, heel leuk.”

Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson totaal (1)

Hoe verhouden jullie woningen zich tot elkaar?

Marta: “Je ziet duidelijk dat deze blokken door onze bureaus zijn ontworpen. Dat ze bij elkaar horen. Wij tekenden van Sinfonia 2 de plattegronden, in overleg met Marlies. En Marlies tekende weer die van Sinfonia 1. Onderling wisselden we de panden uit, waarvoor we gevels ontwierpen. Zo ontstond er al snel een uitwisseling én eenheid tussen twee blokken.”

Is dat ook de oorsprong van de naam? Sinfonia?

Marlies: “De naam lag er al. Na verloop van tijd vond ik hem best goed.”

Marta: “Ja, ik vond hem ook leuk! Twee blokken bij elkaar én twee architectenbureaus bij elkaar. Ik denk ook dat we er samen een hele vrolijke harmonie van hebben gemaakt. En het bekt ook gewoon lekker hè, Sinfonia.”

Hoe zie ik welke gevel van Marlies Rohmer is en welke van Dok architecten?

Marlies: “Ik denk zelf dat mijn panden met de kleuren meer op de achtergrond blijven. Daarmee wilde ik de wildgekleurde gevels van Dok een podium geven. Zelf heb ik maar 2 stenen gebruikt en daar heb ik alles mee gedaan. Zo probeerde ik om hele rustige, genuanceerde en gedetailleerde panden te maken. Terwijl in mijn beleving, maar misschien ziet Marta dat anders, Dok juist met knalkleuren werkte. Als ik dat ook had gedaan, was het gewoon teveel geworden.”

Marta: “In de prefab elementen zoals Marlies die toepast, zit een ontzettende rijkdom aan details. Wij werkten in onze gevels weer meer met verschillende ritmes en verhoudingen, en met kleur! Dat zorgt voor een mooi contrast met de witte betonbanden. En we gebruikten veel ronde vormen, zoals de golvende balkons. Zo hebben we onze eigen, herkenbare karakters gecreëerd.’

 

Marlies: “En waar ik overal grijze voegen gebruikte, voegde Dok steeds in de kleur van de steen. Dat maakt de kleur van een de gevel enorm uitgesproken.”

Marta: “Ja, de voeg is toch al snel 25% van een gevel. Door een rode steen een rode voeg te geven, komt de baksteen ook echt zoveel beter uit! Dat doen we sowieso wel vaker bij Dok. En hier was dat helemáál een feest.”

Waarom kozen jullie juist deze stenen?

Marta: “Dat deden we samen. Aberson had zo’n grote verrijdbare houten bak. Daar zetten we alle materialen in en die bekeken we buiten, in de zon. Aberson bracht ook steenborden mee naar Leidsche Rijn. Daarop zijn de stenen al in verband gemetseld, met de juiste voeg. Zo kon je het al goed naast elkaar zien.
Bij de steenkeuze was voor ons vooral de kleurintensiteit belangrijk. Ook wisselden we gladde stenen af met een ruwere handvorm. Zo kregen we mooie verschillen in karakter. Onze keuze en die van Marlies legden we naast elkaar, zodat we konden zien wat voor rijk palet er ontstond.”

Marlies: “Ik was eerst bezig met een Wasserstrich van Petersen. Daar ben ik helemaal weg van, maar dat was hier echt too much geweest. Op een gegeven moment vroeg ik Aberson: ‘Maar wat zijn nu eigenlijk Van Wanrooijs favoriete stenen?’ Jullie lieten toen een aantal handvormstenen zien, waar ik er twee van uitkoos. Kijk, als je prefabt, is het niet eens belangrijk dat je steen heel bijzonder is. Maar prefab je zo’n steen in allerlei patronen, dan begint hij ineens te stralen. Ik vond het ontzettend leuk om te laten zien wat je met een vrij eenvoudige steen allemaal kunt doen.”

Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson bloembakken

"Prefab je een steen in allerlei patronen, dan begint zo’n steen ineens te stralen."

Marlies Rohmer

Voor Sinfonia werkten jullie allebei veel met prefab. Kun je daar iets over vertellen?

Marlies: “Die rozetten, daar ben ik echt verliefd op. Sommige metselaars kunnen ze nog wel metselen. Maar is de voeg groter dan 22 mm, dan gaat een steen drijven. Ik wil de stenen juist laten spreken, dus wil ik gewoon een voeg van 30 mm. Dat kan als je prefabt. Net als hele dikke, grote voegen, die ook soms 50 mm terugliggen. Daardoor krijgt het een heel ambachtelijk voorkomen. Los van de stenen, de ornamenten en patronen, kun je met prefab dus makkelijk iets met de voeg doen. Dat vind ik er heel leuk aan.”

Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson gevel Rohmer

Marta: “Marlies haar gevels… dat waren echt dé prefab projecten voor Sinfonia. Voor ons was het prefab een ander type opgave. Meer functioneel, om er ervoor te zorgen dat bepaalde delen er strak in kwamen, zoals de grote gemetselde bogen met diepe neggen.”

Marlies: “Dat niet alles prefab was, was wel een uitdaging. We moesten er op een hybride manier mee omgaan. Dat was wel leuk. Ik ben niet zo calvinistisch ingesteld dat het allemaal op 1 manier moet. Daar heb ik gelukkig geen last van. Form follows function.”

Marta: “Die overgang tussen prefab en metselwerk is echt supergoed gegaan. Je zou het niet zeggen maar in onze panden is er best veel geprefabt. Al die metselwerkbogen en die diepe neggen bijvoorbeeld. Die prefabten ze allemaal, metselden ze het in het werk en voegden ze na. Nu lijkt het gewoon alsof het in één keer werd gemaakt. Dat is heel goed gelukt.
Het hoge appartementengebouw met de ronde hoeken is wél in het werk gemetseld. Dat is trouwens een grappig verhaal. We kwamen op de bouw toen ze net de vorm aan het uitleggen waren. Konden we meteen even meepuzzelen. Uiteindelijk heeft één metselaar alle rondingen gemetseld. Niemand anders mocht eraan komen. En het is écht heel strak geworden. Volgens mij was dat wel een leuke uitdaging. Dat doen we bij Dok trouwens wel vaker, die ‘ingewikkelde’ metselwerkpatronen. Stiekem vinden metselaars dat vaak ook het leukst om te maken. Komt het plezier mooi van twee kanten!”

Hoe was het prefabben met Aberson?

Marlies: “Ik prefab mijn hele leven al, maar meestal werk ik rechtstreeks met mijn eigen partijen. Dus dat was even wennen. Eerst dacht ik: ‘Zijn jullie helemaal besodemieterd, gaan jullie de prefab regelen?’ Maar het bleek ook verrassend, omdat Aberson bedacht dat we ook andere dingen konden prefabben. Dat had ik dan zelf weer niet gedurfd. Aberson deed dat dus nog een stapje extremer. Dat is het met samenwerken natuurlijk: je weet nooit wat je niet weet. Dat je denkt: zo kan het ook. Net als die samenwerking met Dok.”

Waar zijn jullie trots op?

Marlies: “We hebben dingen echt tot in perfectie voor elkaar gekregen. Neem bijvoorbeeld de overgangen tussen de panden. Daar zijn we heel lang mee bezig geweest. Als het ene pand hoger is dan het andere, dan krijg je bovendaks wel eens een vervelend ‘oortje’. Alsof het metselwerk eromheen gaat. Door de gevels een heel klein beetje over elkaar te laten lopen, hebben Marta en ik het zó uitgepuzzeld dat we de panden zelfs bovendaks in ere hielden. Dat soort dingen, perfectie.”

Marta: “Het is inderdaad een goede schakeling van panden geworden. Het is allemaal heel helder. De samenwerking ging tot in detail.”

Kun je daar iets over vertellen? Over jullie samenwerking?

Marlies: “Ik ben gewend om met oogkleppen op iets alleen te tekenen en het daarna ook zo te maken. Maar het hoogtepunt voor mij was om Sinfonia sámen te maken. Met Dok. Dat je een kruisbestuiving krijgt, waardoor je eigen werk óók weer beter wordt. Voor mij heeft dat de ogen geopend dat je gewoon samen iets kunt maken.”

Marta: “Voor mij geldt dat ook. Ik begon in 2017 bij Dok. Dat jaar startten we ook met Sinfonia en het is nu nét af. In dat hele proces heb ik ook veel van Marlies geleerd. Het ging altijd heel vanzelfsprekend, dat was fijn.”

Welk specifiek moment blijft je bij?

Marta: “Dat is toch wel het moment dat de gevels uit de steigers kwamen. Dat het metselwerk tevoorschijn kwam. En die details. Dat je denkt: ‘Wow! Dat wat we getekend hebben, staat er gewoon écht!’ Die rijkdom die je ineens tevoorschijn ziet komen. Dat vond ik heel bijzonder.”

Marlies: “Het is ook wel een spannend moment. Dat je denkt: ‘Voor hetzelfde geld wordt het heel lelijk, of too much.’ Tenminste dat heb ik dan. Maar dat vind ik hier dus totaal niet.”

Marta: “Nee, we zijn er enorm blij mee.”

Sinfonia in beeld

  • Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson gevel Rohmer
  • Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson bloembakken
  • Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson totaal (1)
  • Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson kerkje
  • Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson uitstekende ramen recht
  • Prefab metselwerk bakstenen Sinfonia Aberson bloembak Rohmer
  • Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson hoek
  • Prefab metselwerk gevelstenen Sinfonia Aberson balkons hoogte

Bekijk ook: making of prefab | Sinfonia (video)

We helpen je graag

Ook een goed advies over gevelstenen of prefab metselwerk? We vertellen er graag meer over!

Neem contact op

Keramische steenstrips voor de mooiste verbanden

Onze 5 tips voor een strak resultaat

Keramische steenstrips zijn ideaal voor geweldige ‘metsel’verbanden in de buitengevel. Van een speelse visgraat tot strakke kaders: het kan allemaal. Logisch, want zwaartekracht speelt nauwelijks een rol bij steenstrips: baksteen weegt toch al snel 4x meer. Overweeg je een uniek metselverband met steenstrips? Bekijk dan onze tips voor het beste resultaat.

De keuze voor keramische steenstrips voor de buitengevel is vaak technisch: er moet snel gebouwd worden bijvoorbeeld, of gerenoveerd. Maar ook het ontwerp en esthetiek blijkt steeds vaker het argument. Want kies je voor steenstrips als keramische gevelbekleding? Dan ben je enorm vrij in metselverbanden. ‘Metsel’ dan even figuurlijk natuurlijk.

Met keramische steenstrips kun je alle kanten op

Van golfbewegingen tot randjes en kaders, de sky is the limit met een steenstrip; baksteen heeft dat vanzelfsprekend minder. Simpelweg vanwege het gewicht en de verwerking ervan. Steenstrips zijn dus makkelijk, snel en mooi voor allerlei metselverbanden in de buitengevel. Voor het beste resultaat, geven we je 5 (technische) tips!

Stroomdal-Zuidlaren-Aberson-steenstrips-letters-in-gevel-

Onze 5 tips voor strakke verbanden met keramische steenstrips:

1. Let op maattolerantie & maatspreiding

Voor een strak resultaat heb je ook een keramische steenstrip nodig die ‘strak aan de maat’ is, zoals onze collega’s dat noemen. Dat klinkt misschien logisch, maar niet elke steenstrip is even maatvast. En dat is ook lang niet altijd nodig. Maar wél als je strakke belijningen of kaders wilt maken in je buitengevel. Heb je dus een strip met een centimeter verschil? En wil je bijvoorbeeld een tegelverband maken? Dan zie je dat.
Daarom vragen we altijd hoe de buitengevel er straks uit moet zien. Wil je strakke verbanden, dan weten wij welke steenstrips geschikt zijn. Zo is het productieproces belangrijk, want een steenstrip kan op meerdere manieren worden geproduceerd of gezaagd: volgens een tegelnormering of een steennormering. Tegelnormering is minder ruim in maatvoering dan steennormering. Hier mogen de maten minder van elkaar afwijken. Denk maar aan badkamertegels. Daarom passen keramische steenstrips met een tegelnormering vaak goed bij ontwerpen waarbij je weinig speling hebt.
keramische-steenstrips-verbanden

2. Kies de kleur steenstrip ook op strakheid

Dat klinkt misschien vreemd, want kleur kies je om esthetiek. Maar misschien weet je dat kleurkeuze mogelijk óók gevolgen heeft voor de techniek en het resultaat. De reden is de uitzettingscoëfficiënt. Ofwel: de mate waarin een steenstrip uitzet. Zwarte steenstrips trekken meer warmte aan dan witte steenstrips. Ze worden ook echt warmer. Plak je dus een zwarte steenstrip op de buitengevel, dan zet deze meer uit. Dat heeft weer gevolgen voor de strakheid van de lijnen. En moet je rekening houden met de minimale voegdikte en zijn er mogelijk extra veldbegrenzingsvoegen (lees dilatatievoegen) nodig.
Over de voeg gesproken: deze is standaard ongeveer 12 mm. Soms heeft een architect de wens voor een dunnere voeg, van 8 of zelfs 6 mm. Een zwarte strip ligt dan meestal niet voor de hand. Keramische strips die stootvoegloos of lintvoegloos worden verwerkt, zien we trouwens ook. Mogelijk moet je dan dilataties aanbrengen in je gevelbekleding. Dat hangt natuurlijk af van het ontwerp en daar kunnen we je over adviseren.

3. Onderzoek: welke achtergrond is goed voor deze keramische steenstrips?

Steenstrips kun je op allerlei achtergronden verwerken. Zo is er bijvoorbeeld EPS (Tempex), HSB of beton. Zeker met een strak verband, is het goed om steenstrips op een vormvaste en stabiele ondergrond te verwerken. Ook de uitzettingscoëfficiënt speelt hier weer een rol. Of een ondergrond daadwerkelijk geschikt is, hangt altijd van meerdere factoren af: stabiliteit, hoeveel de achtergrond meebeweegt en hoe waterdicht deze is. Als we een steenstrip adviseren, gaan we daarom altijd ook eerst in overleg met de aannemer, constructeur en fabrikant om de beste achtergrond te bepalen.

4. Let op de dikte van de steenstrip buitengevel

Er zijn natuurlijk verschillende diktes in keramische steenstrips voor de buitengevel. Zo kun je makkelijk hoogteverschillen in de gevel creëren, spekbanden bijvoorbeeld. Het gewicht is dan belangrijk bij het verlijmen. Heb je een strip van 20 mm? Dan heb je zeker een strip van 40 mm nodig om een spekband te kunnen maken. En die zijn relatief zwaar. Ook gaat het vaak om een gezaagde steenstrip, baksteen wordt dan tot 40 mm gezaagd. Wat natuurlijk ook voor meer afval zorgt. Een oplossing is om met een dunnere strip te werken, van bijvoorbeeld 10 mm. En vervolgens de spekband van een 25 mm steenstrip te maken. Het effect is vrijwel hetzelfde. Nog een plus: deze steenstrips zijn klant- en klaar gebakken, lichter en daarmee ook makkelijker te verwerken.

Keramische steenstrips buitengevel met spekband, steenstrips in verschillende dikten

5. Vraag de verwerker naar het beste lijmsysteem

We hebben systemen met steenstrips zonder lijmen. Maar de meeste keramische steenstrips worden nog altijd gelijmd. Voor een strak resultaat van het metselverband, doe je dan ook het best onderzoek naar welke lijm geschikt is. Je hebt bijvoorbeeld cementgebonden lijm, polymeerlijm of kitlijm. Allemaal met eigen voordelen. Maar ook de manier van lijmen telt mee. Vaak geven we bij ons eigen systeem, CAB7000, het advies voor volvlaksverlijming. Dat betekent dat de verwerker zowel de achtergrond als de keramische steenstrip helemaal insmeert. Zo ontstaat er een 100% lijmverbinding en krijgt water minder kans om achter de strip te komen. Wat ook het risico op vorstschade vermindert. Ons advies is om, zeker bij verschillende diktes of bijzonder strakke verbanden, onderzoek te doen naar het meest geschikte lijmsysteem.

Keramische steenstrips buitengevel in verschillende dikten

Unieke verbanden met keramische steenstrips:
buitengevel op z’n mooist

Keramische steenstrips zijn dus heel geschikt voor geweldige patronen in de buitengevel. Met een goed advies over de soort, kleur, achtergrond én lijm, kun je alle kanten op met je gevelbekleding! Vraag ons om te mee te denken over wat er allemaal kan. Met die kennis rest er niets anders… dan te ontwerpen.

We helpen je graag

Met ons sparren over steenstrips als keramische gevelbekleding?

Neem contact op

Kalkuitbloei? Witte uitslag? Metselwerk SOS!

Vroege uitbloei door plaatselijke concentratie van water

De zon komt tevoorschijn, de temperatuur loopt op. Voor ons is dat het moment dat aannemers weer vaker om advies vragen. Want elk voorjaar kan warmer weer zorgen voor gevels met witte uitslag: metselwerk krijgt dan een lelijke grijze of witte waas. Maar wat is de oorzaak van witte uitslag? En misschien nog belangrijker: hoe kun je uitbloei verwijderen van de gevel?

Het project is klaar en het resultaat mag er zijn. Iedereen blij. Maar na verloop van tijd verschijnt er ineens toch witte uitslag. Metselwerk is er natuurlijk om trots op te zijn, en dat is zonde! Om te begrijpen wat de oorzaak is van witte uitslag op een buitenmuur, nemen we je graag mee in een kort stukje theorie. En geven we tips hoe je kunt ontdekken om welk type uitbloei het gaat én hoe je uitbloei verwijderen kan van het metselwerk.

Welke typen uitslag zijn er?

De allerbelangrijkste vraag is: met welk type witte uitslag heb ik te maken? Er zijn namelijk verschillende soorten witte uitslag op metselwerk. Hierbij onderscheiden we in hoofdlijnen de volgende typen:

  1. Vroege witte uitbloei
  2. Kalkuitbloei
  3. Late uitbloei of vergipsing

Elk type heeft zijn eigen oorzaak én zijn eigen reinigingsmethode!

Hoe weet je met welk type uitbloei je te maken hebt?

Dat is een eenvoudige vraag, met een gecompliceerd antwoord. We kennen namelijk 16 verschillende typen uitslag en die kunnen ook nog eens in combinatie met elkaar voorkomen! Door de proef op de som te nemen, kun je achterhalen met welk type je te maken hebt.

1. Vroege witte uitbloei

Allereerst: vroege witte uitbloei. Dit ontstaat meestal wanneer de winter overgaat in de lente. Dit type uitslag op buitenmuren komt het meest voor. De boosdoeners zijn hier wateroplosbare zouten die zijn opgesloten in baksteenmetselwerk. In de winterperiode wordt en blijft metselwerk nat door neerslag. Wanneer het voorjaar wordt, begint het metselwerk sterk te drogen. Daardoor worden de in water opgeloste zouten naar het warme geveloppervlak getransporteerd. Het water verdampt, maar de zouten kristalliseren en blijven achter als… witte uitslag. Metselwerk ziet er dan onverzorgd uit. Dit type uitslag ontstaat snel en is meestal spierwit van kleur.

vroege witte uitbloei - uitslag metselwerk
Afbeelding: KNB

Hoe weet je of je met vroege witte uitbloei te maken hebt?

Borstel het metselwerk eerst droog af met een hardharen borstel. Daarna spuit je de gevel af met schoon leidingwater. Het is mogelijk dat je deze behandeling één of twee keer moet herhalen. Controleer, na een paar dagen goed drogen, opnieuw de witte uitslag. Metselwerk moet goed droog zijn. Is de witte uitslag nu weg? Dan heb je dus te maken met ‘vroege witte uitbloei’.

Blijft er na de proef toch nog witte uitslag zichtbaar? Dan heb je te maken met kalkuitbloei óf vergipsing. Daar gaan we bij punt 2 en 3 verder op in.

Vroege witte uitbloei verwijderen

Niets doen en wachten op een regenbui is in eerste instantie de beste keuze. Wil je daar niet op wachten? Dan kun je de natuur een handje helpen door ook de rest van de gevel te doen.

2. Kalkuitbloei

Een tweede type is kalkuitbloei. Metselwerk bezit namelijk vrije kalk. Als metselwerk nat wordt door regen, lost deze kalk op. Door het warme weer, trekt deze oplossing naar het warme oppervlak, de zonzijde. Als de oplossing dan eenmaal de buitenlucht (kooldioxide) bereikt, ontstaat er een reactie en wordt het calciumcarbonaat. En dat is dus de witte kalkuitbloei die je op je metselwerk ziet. Calciumcarbonaat is niet (of heel moeilijk) oplosbaar in water. KNB zette het in een schema:

kalkuitbloei - uitslag metselwerk
Afbeelding: KNB

Hoe weet je of je met kalkuitbloei te maken hebt?

Als de proef met water en de borstel (punt 1) niet gelukt is, kun je een andere proef doen om erachter te komen of je met kalkuitbloei op de buitenmuur te maken hebt. Kies een proefvlak van bijvoorbeeld 300 x 300 mm. Neem weer water en borstel dit proefvlak licht met flink wat water. Daarna breng je er een reinigingsmiddel op basis van sulfaminezuur op aan volgens de voorschriften van de fabrikant. Dit borstel je voorzichtig op het proefvlak. Let er goed op dat je het sulfaminezuur alleen aanbrengt op het proefvlak met kalkuitbloei. Het is namelijk alleen maar nodig om te kunnen vaststellen met welk type uitbloei je te maken hebt.

Gaat de uitbloei bij het borstelen bruisen? Dan is dat je bewijs dat het om kalkuitbloei gaat. Borstel dan net zo lang totdat het bruisen is gestopt. Breng daarna nog een paar keer water aan, borstel licht en spoel goed na. Laat het proefvlak weer een paar dagen drogen. Als er daadwerkelijk sprake is van kalkuitbloei, dan moet het nu verdwenen zijn. Is de witte uitslag er nog? Dan is er sprake van vergipsing. Daarover lees je in punt 3 meer!

Kalkuitbloei verwijderen

Hoe kalkuitbloei verwijderen? Nu je weet dat het kalkuitbloei is, is zelf reinigen wat gecompliceerder en vergt dat meer aandacht. Besluit je om het zelf te doen? Dan kun je de behandeling zoals bij het proefvlak, dat is behandeld met sulfaminezuur, herhalen op andere plekken. Let er wel goed op dat je de delen die eraan grenzen, zoals kozijnen en lekdorpels, goed beschermt.

3. Late uitbloei of vergipsing

Tot slot is er nog late uitbloei. Dat wordt ook wel vaak ‘vergipsing’ genoemd. Vergipsing herken je door een dunne, grijswitte waas op de buitenmuur. Meestal ontstaat dat na een paar maanden of zelfs pas na enkele jaren. Deze uitbloei wordt in de loop van de tijd ook intenser. Maar helaas, in tegenstelling tot vroege uitbloei, verdwijnt late uitbloei niet vanzelf met een paar regenbuitjes. Het is namelijk niet (of nauwelijks) wateroplosbaar en is ook niet chemisch verwijderbaar. Gips, ofwel calciumsulfaat is ‘chemisch inert’.
Vergipsing komt alleen voor op metselwerk dat aan regen en zon wordt blootgesteld en is dan ook vooral aanwezig op gevels op het zuidwesten. Je herkent vergipsing ook aan de scherpe aftekening tussen de delen van de gevel: de kant die aan regen en zon wordt blootgesteld, heeft sneller last van vergipsing dan de delen die beschut liggen.

Hoe weet je of je met vergipsing te maken hebt?

Hiervoor doe je dezelfde proef met sulfaminezuuroplossing als bij kalkuitbloei (punt 2). Is de witte uitslag dan nog steeds aanwezig? Dan heb je dus te maken met vergipsing.

De oorzaak van vergipsing

Dat is erg moeilijk vast te stellen, de baksteenindustrie doet er al jaren onderzoek naar. De laatste twee onderzoeken werden door het Belgische onderzoeksinstituut WTCB gedaan. Zij concludeerden dat ‘vergipsing van metselwerk naar alle waarschijnlijkheid zijn oorzaak vindt in de cementgebonden mortel’. Om de verwerkbare periode (of bindingstijd) te sturen, wordt namelijk gips toegevoegd aan het cement. Dat gips reageert vervolgens met tricalcium aluminaat uit het cement en vormt ettringiet en monosulfaat. Het vermoeden is dat ettringiet, en in meerdere mate monosulfaat, een belangrijke bron is van gipsvorming. Het transport van de bestanddelen, hoeveel en hoe snel er vergipsing optreedt verschilt per steensortering. Ook de porositeit van de steen en mortel zijn van invloed. En ook de rol van plastificeermiddel in mortel lijkt een rol te spelen. Onderzoek blijft ongoing.

Late uitbloei of vergipsing verwijderen

Late uitbloei of vergipsing kan niet anders dan gereinigd worden door te ‘sofdtstralen’. Dit is een effectieve methode waarmee de vergipsing verdwijnt, maar die het gevelmetselwerk niet beschadigt. Dat laat je bij voorkeur uitvoeren door een professioneel en gespecialiseerd bedrijf. Afhankelijk van het type metselwerk kies je een passende straalmethode.

Schema witte uitslag metselwerk typen

Witte uitslag metselwerk verwijderen

Nog even op een rijtje! Heb je de tests uitgevoerd zoals beschreven? En blijkt het te gaan om vroege uitbloei, dan kun je overwegen om het gevelmetselwerk zelf te reinigen door droog afborstelen en naspoelen met schoon water. Als er sprake is van kalkuitbloei, is zelf reinigen wat gecompliceerder door het gebruik van sulfaminezuur en vergt dat meer aandacht. Heb je te maken met late uitbloei of vergipsing, laat je dan altijd door een professioneel gevelreinigingsbedrijf adviseren.

Uitslagarme voegmortels tegen witte uitslag metselwerk

Aberson is al jaren betrokken bij de ontwikkeling van mortels en heeft nauwe contacten met de belangrijkste mortelproducenten. Tegenwoordig bestaan er ook uitslagarme doorstrijkmortels voor het voorkomen van witte uitslag. Metselwerk heeft dan een grotere kans om mooi te blijven. Die adviseren we dan ook regelmatig. Bovenal begint een goed resultaat met een zorgvuldige afstemming: van het ontwerp, de gevelsteen en de mortel.

We helpen je graag

Heb je nog vragen?

Dan staan we natuurlijk voor je klaar.

Neem contact op

UI­TGELICHT! ­­De Finish Amsterdam ‘Robuust metselwerkvolume op een stoer eiland

De Finish ligt in het hart van het Amsterdamse Zeeburgereiland. Een robuust en tegelijkertijd open gebouw, met 56 appartementen op een bijzonder klein plot. Architect Erik de Vries van WE architecten: ‘Als je bovenin staat, kijk je over alles uit. Je wordt gewoon een beetje jaloers op de bewoners.’

De Finish ligt aan het grote groene veld van het Zeeburgereiland, waar ook een levendig skatepark ligt. Het gebouw maakt deel uit van de bebouwde ring om het veld. Pal om de hoek de drie markante oude silo’s van het eiland. Erik: ‘Als je goed kijkt, is het best een fors gebouw op een heel klein plot. Door slim te puzzelen, is het ons gelukt om 56 betaalbare woningen op deze mooie plek toe te voegen.

Erik de Vries | WE architecten
Erik de Vries
WE architecten

Project
De Finish Amsterdam

Architect
WE architecten

Uitvoering
HSB Bouw Volendam

Opdrachtgever
De Alliantie

Product
Gevelstenen

Fotografie
Walter Frisart FOTOwerk
Fedde de Weert (foto hof)

Goed wonen voor iedereen

Erik: ‘Niet iedereen heeft dat door, maar de appartementen zijn sociale huurwoningen. Voor ons stond voorop dat we kwalitatief hoogwaardige woningen wilden maken. Omdat we vinden dat iedereen goed moet wonen. Gesubsidieerd of niet, dat maakt niet uit. Zo’n gebouw blijft zeker 100 jaar staan, het moet gewoon goed zijn. We willen trouwens altíjd goede gebouwen maken, welk segment dan ook.’

Detail van de gevel met lichte gevelstenen bij de Finish Zeeburgereiland Amsterdam

Silo in zicht

Het ontwerp moest allereerst goed in de context passen. De gebouwen die het veld omringen, bestaan vrijwel allemaal uit een plint met een opbouw. Erik: ‘We hebben het gebouw horizontaal onderverdeeld in drie volumes. Daarmee kregen we een passende schaal en konden we aantakken op de gebouwen ernaast. Zoals het schoolgebouw, daarvan trokken we de schuine lijn door. Zo houd je, als je door het straatje loopt, vrij zicht op de silo.’

"We gaven elke laag een eigen uitstraling. Met de vorm, de voeg en met de ritmes van het metselwerk."

Erik de Vries

Drie eigen lagen, één geheel

Elk van de drie lagen kreeg een eigen identiteit. Erik: ‘We wilden één geheel maken, maar ook nuanceverschillen aanbrengen. Dat deden we bijvoorbeeld met verschillende ritmes in het metselwerk en door te spelen met de voegkleuren.’

In de onderste laag, de plint, zit een AHOED: Apotheek en Huisarts Onder Eén Dak. ‘Daar is daglicht belangrijk, maar ook privacy. Dat kan elkaar bijten’, vervolgt Erik. ‘Dat losten we op met verticaal gemetselde penanten. Overhoeks, dus wie langsloopt, kijkt nooit recht naar binnen. Zo is het licht en toch beschut. De penanten versterken ook het gevoel van een metselwerkgevel.’

Metselwerk penanten bij de Finish op het Zeeburgereiland Amsterdam

Het middendeel kreeg een horizontale belijning die overgaat in de loggia’s aan de zijkant. De voeg is hier donkerder, wat het verschil tussen de lagen extra versterkt. De bovenste laag gaat veel meer over het uitzicht. Het is juist transparant van aard en kreeg weer een verticaal ritme. ‘Een mooi detail vind ik het koppenverband van drie lagen, die de lijnen van de balkonranden voortzetten’, vult Erik aan. Het zijn die details.’

We gingen voor levendigheid. Deze steen heeft dat.

Erik de Vries

Leven in de gevel

Vrijwel het hele Zeeburgereiland bestaat uit licht metselwerk. Ook De Finish. Erik: ‘We waren op zoek naar een levendige steen. Deze sortering is heel levendig ten opzichte van andere lichte gevelstenen. Dat komt mede door de verglaasde exemplaren. We houden trouwens ook erg van de Wasserstrich: niet te oubollig, met een fraaie structuur. Hij is een beetje vlak. We hebben eerder met deze steen gewerkt, zodoende kwamen we weer in contact met de fabrikant. En daarna pakte Aberson het over, die samenwerking verliep soepel.

De gevel van de Finish Zeeburgereiland Amsterdam van onderen met lichte baksteen

Aannemer aan het woord

HSB Bouw uit Volendam voerde het project uit. Projectleider William Bosschaart: ‘De Finish was letterlijk het laatste bouwdeel. Daardoor zit je aardig klem en moet je goed afstemmen met alle partijen. Timing is dan alles. Dat ging goed, zo kwamen ook de stenen steeds op tijd. En je moet ook creatief denken, zoals met de balkondelen: die metselden we op de grond en hesen we naar boven. Daar metselden onze mensen ze op de constructie. Onze metselaars verstaan hun vak heel goed, ook de uitdagingen bij het metselwerk hebben ze met vakmanschap aangepakt. Het is een mooi ontwerp en het resultaat mag er zijn.’

Om u tegen te zeggen

Vanaf de straat zou je het niet denken, maar het gebouw is u-vormig. Erik: ‘Om zoveel woningen op deze kleine locatie te kunnen maken, was een u-vorm met een galerij de oplossing. We creëerden een rondloop, door het gebouw een vierde zijde te geven. Daardoor ontstond er een intiem hof en bespaarden we op een trappenhuis.’

Foto: architectuurfotografen.nl / Fedde de Weert

Foto: architectuurfotografen.nl / Fedde de Weert

Binnenhof van De Finish met een extra zijde gecreëerd voor de rondloop Zeeburgereiland Amsterdam
Detail van deurbel, huisnummer en lamp Zeeburgereiland Amsterdam

‘We noemen het zelf altijd een geheim hof; het is intiem en windluw. Het hof zelf gaven we een luxe, bijna hotel-achtige uitstraling. Van de verlichting tot aan de deurbel, die zijn eenvoudig maar stijlvol. Door zulke details krijgt het een welkom, haast lobby-achtig gevoel.’

Trots

‘We wilden gewoon een gebouw maken dat bij het eiland zou passen. En onze ambitie om sociale huur naar een hoger niveau te tillen, was ook best spannend. Dat wil je goed doen, binnen de mogelijkheden die er zijn. Dat is uiteindelijk goed gelukt.
Op een gegeven moment liepen we door de bovenste woningen. Ik was trots om te merken dat ik zelf bijna jaloers werd op de mensen die er wonen. Met glas tot aan de vloer, het waanzinnige uitzicht over het Markermeer, de goede steen, de fraaie details in de gevel en het mooie hof. Een enorme kwaliteit… én sociale huur.’

NB: Dit project is genomineerd voor de Amsterdamse Architectuurprijs 2022. Aberson ondersteunt deze prijs, georganiseerd door Arcam, al sinds 2016/2017, maar is geenszins betrokken bij het selectieproces dan wel bij de bepaling van de winnaar.

  • Gevelstenen-Aberson-Finish-aanzicht-hoek
We helpen je graag

Ook een goed advies over gevelstenen? We vertellen er graag meer over!

Neem contact op

Genomineerden Amsterdamse Architectuurprijs 2022 zijn bekend

Foto: Maarten Nauw

Voor de vijftiende keer reikt Arcam de Amsterdamse Architectuurprijs uit aan het beste gebouw van Amsterdam. De tien genomineerde projecten voor 2022 zijn bekend!

Welk architectenbureau en welke opdrachtgever maakten het beste gebouw van het afgelopen jaar? En gaan naar huis met de award: de dit jaar nieuw ontworpen award? De tien kanshebbers zijn bekend! Je vindt ze op de site van Arcam.

Nominaties Amsterdamse Architectuurprijs 2022

Award in nieuw jasje

In mei wordt de prijs feestelijk uitgereikt, in Amsterdam. En ook dit jaar is Aberson weer trots om de prijs te ondersteunen, onder andere door de keramische award die we vanwege het kroonjaar van de uitreikingen in een geheel fris, nieuw jasje steken. Benieuwd hoe, wat, waar? Houd onze socials in de gaten.

We helpen je graag

Ook graag hulp bij de perfecte gevelsteen voor jouw project?

We denken graag met je mee!

Neem contact op

Kleuren bakstenen. Zo komt een steen aan zijn unieke kleur

Rode baksteen, gele baksteen, rose kleuren baksteen en een grijze baksteen staan rechtop naast elkaar

Denk aan een typische Hollandse rode baksteen, een strakke zwarte baksteen of een frisse witte baksteen. Het aanbod aan soorten en kleuren bakstenen is natuurlijk enorm. Maar hoe krijgt een baksteen kleur? Danny de Geus, specialist bij Aberson en al 20 jaar baksteen-liefhebber, geeft een korte stoomcursus ‘bakstenen’.

Dat een baksteen wordt gemaakt van klei, weten we allemaal. Maar dat de klei ook bepalend is voor wélke kleur baksteen krijgt, is voor veel mensen nieuw. Danny: ‘Ik leg dat vaak uit in de showroom, als mensen voor de keuze staan van kleuren baksteen. En dan zie je aan de reacties dat mensen een stukje theorie over klei en de kleuren bakstenen altijd leuk vinden om te horen.’

Maar hoe krijgen bakstenen kleuren?

Om meteen tot de kern te komen: de kleuren bakstenen ontstaan door het allerbelangrijkste bestanddeel: klei. Klei is een zuiver natuurproduct en wordt onder andere gewonnen uit de uiterwaarden van de grote rivieren. Elk gebied in Nederland (en daarbuiten) heeft een eigen soort klei. Danny: ‘Sommigen zijn kalkhoudend of hebben juist weer veel ijzeroxide. Die samenstelling vormt de basis van de specifieke kleuren baksteen. Met allerlei technieken wordt de klei gebakken en krijgt het een textuur, een formaat en dus de kleur.’

Wist je dat…

…klei een hernieuwbare stof is? Dat komt erop neer dat klei onuitputtelijk is, omdat het zichzelf steeds weer aanvult. Sterker nog: de klei móet wel uit de rivieren worden gehaald, om te voorkomen dat ze bij hoog water overstromen. En het mooie is: er is meer klei dan dat we in Nederland bakstenen kunnen maken. Kleiwinning is dus niet alleen belangrijk voor het maken van bakstenen, het levert ook een grote bijdrage aan de hoogwaterveiligheid. Je kunt het zien als een klimaat-adaptieve maatregel (bron: KNB).

Kleuren bakstenen: soms wel duizenden variaties

Sommige fabrieken voegen nog extra hulpstoffen toe of een bezanding. Zo is er naast de kleur van een baksteen, nog meer variatie mogelijk. Een steenfabriek kan soms wel duizenden variaties maken door de soorten klei die ze gebruiken en verschillende toevoegingen die zij doen. Danny: ‘En dat is alleen nog maar de kleur. Dan hebben we het nog niet eens over de formaten en de texturen die er gemaakt kunnen worden. Dat is nou net wat ik bedoel met de wondere wereld van gevelstenen. Ik kan hier nog zoveel meer over vertellen, maar ik zal de meest voorkomende kleisoorten kort toelichten.’

1. Rode bakstenen, oranje bakstenen en bruine bakstenen

Rode bakstenen (of oranje of bruine bakstenen) worden gemaakt van roodbakkende klei. Oer-Hollandse rivierklei. Logisch dat het merendeel van de bakstenen in Nederland hiervan wordt gemaakt. Danny: ‘Deze Hollandse rivierklei bevat veel mineralen. Die mineralen zorgen voor de mooie herkenbare diepe kleur rode baksteen. De klei is wat poreuzer van structuur en heeft daardoor een standaard wateropname van ca 12-15%. Dat betekent dat deze rode bakstenen geschikt zijn voor een Hollands weertje en wel tegen een buitje kunnen. Deze rode gevelstenen worden afgebakken rond 1000 graden.’ En dat is weer gunstig voor de maatspreiding. Met andere woorden: er zitten niet zulke grote verschillen tussen de grootste en kleinste steen uit dezelfde partij rode gevelstenen.

Hieronder enkele voorbeelden van rode kleuren bakstenen.

rode baksteen
oranje baksteen
bruine baksteen

2. Gele bakstenen

Gele bakstenen, of gele metselstenen, worden gemaakt van geelbakkende klei en zie je ook veel terug in de Nederlandse gevels. Danny: ‘Er zit meer kalk in deze klei dan in de roodbakkende klei. Daardoor heeft het een hogere wateropname, wat betekent dat je meer en beter moet nadenken over de waterkerende detailleringen in de gevel. De hoeveelheid kalk heeft ook gevolgen voor de maatvoering: bij gele bakstenen ligt de maatspreiding hoger dan de rode bakstenen. Er zitten dus soms best grote verschillen tussen gevelstenen uit dezelfde partij gele bakstenen.’ Even goed opletten dus als je een gele baksteen van geelbakkende klei gaat gebruiken. Bij strakke verbanden controleer je het best altijd de koppenmaat, om verrassingen te voorkomen. Geelbakkende klei zorgt trouwens niet alleen voor gele bakstenen, maar ook voor lichtbruine bakstenen. Leuk detail: als je deze klei in een oven laat ‘smoren’, dan wordt hij groen. En: hoe meer kalk, hoe groener de kleur baksteen wordt.

Hieronder enkele voorbeelden van gele kleuren bakstenen.

gele baksteen
gele baksteen
gele baksteen

3. Geel-rose en okergele kleuren bakstenen

Deze bakstenen worden gemaakt van Brunsummer klei. Danny: ‘Gevelstenen van Brunsummer klei zijn wat moeilijker te produceren, omdat de klei van nature veel humus bevat. Daarom moeten de bakstenen hoger worden afgestookt en ontstaat er een natuurlijke verkleuring. Groot voordeel: bakstenen van Brunsummer klei hebben meestal een wateropname van ca 10%. Dat is veel lager dan gele bakstenen zoals we hierboven beschreven. Een goede keuze dus voor keramische gevels die veel regen pakken. Ook is de maatspreiding gunstig, vrij constant. Net als bij rode bakstenen. Je herkent bakstenen van Brunsummer klei door een genuanceerde geel-rosé kleur baksteen of okergele tinten.’

Hieronder enkele voorbeelden van geel-rose kleuren bakstenen.

4. Witte bakstenen, grijze bakstenen en zwarte bakstenen

Zie je witte bakstenen, grijze bakstenen of zwarte bakstenen, dan is de kans groot dat deze stenen van Westerwalderklei zijn gemaakt. Danny: ‘Westwalderklei wordt gewonnen uit het gelijknamige gebied in Duitsland. Hier ligt de klei al heel lang ‘in te klinken’, waardoor de structuur van de klei veel compacter is geworden. En omdat de klei zo zuiver is, moet deze behoorlijk heet worden afgestookt: op wel 1100-1200 graden. De maatvoering van witte bakstenen, grijze bakstenen of zwarte bakstenen ligt daardoor vaak iets kleiner bij de rode bakstenen van rivierklei.’ Ook de wateropname van deze klei is vrij laag, namelijk slechts 6-8%. Dat maakt de bakstenen van Westwalderklei erg geschikt voor natte gebieden en bouw die veel worden blootgesteld aan regen.

Hieronder enkele voorbeelden van witte kleuren bakstenen.

Alles lezen over bakstenen, kleuren en structuren?

Bekijk meer van onze gevelstenen en gevelsystemen.

Toen Danny de Geus (39) als 18-jarige voor het eerst een showroom met bakstenen binnenstapte, was hij verbaasd. Danny: ‘Was dat dan zo’n specialisme? Waarop ik van de directeur in 2,5 uur tijd alle ins en outs over keramiek en (kleuren) bakstenen te horen kreeg.’ Sindsdien is Danny gegrepen door baksteen. En herkent hij elke baksteen die hij in handen krijgt: aan de structuur, formaat of kleuren baksteen.

We helpen je graag

Meer weten over kleuren bakstenen?

We denken graag met je mee!

Neem contact op

8 tips voor een circulaire gevel met ClickBrick Pure!

ClickBrick Pure - 8x tips

ClickBrick is bij de meesten onder ons wel bekend. Wienerberger introduceerde deze duurzame gevelbekleding al tientallen jaren geleden. Grote herkenbare keramische gevelstenen, droog gestapeld en vastgezet met rvs clips. Met als resultaat: een strakke circulaire gevel. Nu heeft ClickBrick er een nieuwe telg bij: ClickBrick Pure. Misschien zag je hem als onze meest recente Aberson Special. En in dit blog geven we je een idee wat er zoal komt kijken bij het werken met ClickBrick Pure!

ClickBrick Pure is eigenlijk hetzelfde oersterke keramische gevelsysteem als grote broer ClickBrick Cube. Maar de grote excentrieke stenen worden bij de Pure verruild voor de fijnere, traditionele keramische handvormstenen. Liefhebbers van traditioneel metselwerk kunnen nu dus óók kiezen voor een circulaire gevel.

Handige tips

Kies je voor ClickBrick Pure als circulaire gevelbekleding? Dan laat je je natuurlijk goed adviseren over de technische toepassing en alles wat erbij komt kijken. Maar om je alvast een indruk te geven, zetten we hier alvast 8 eerste tips voor je op een rij.

1. Houd rekening met maten

ClickBrick Pure bestaat uit handvorm bakstenen, machinaal gemaakt. De eigenschappen van de klei en de temperatuur van het afstoken, zorgen ervoor dat er afwijkingen zitten in het formaat van de stenen: toleranties. Daar moet je dus rekening mee houden. Maar! Er is een uitzondering: namelijk de steendikte. Bij ClickBrick Pure is de steendikte aangepast op een vaste lagenmaat: 62,5 mm. Daardoor passen er altijd 16 lagen van ClickBrick Pure in 1 meter gevelhoogte.

Over het algemeen zijn de gemiddelde maten van ClickBrick Pure als volgt:

  • Lengte 210 mm
  • Breedte 90 mm
  • Dikte 62,5 mm*

(*= vaste maat na kalibratie bewerking)

2. Gebruik het ‘vrij verband’ in de gevel

In de lengte van de handvorm bakstenen kunnen dus maatverschillen zitten. Daarom verwerk je een keramische gevel met ClickBrick Pure dan ook in een ‘vrij verband’. Anders gezegd: zoveel mogelijk strekken tegen elkaar. Daar waar de overlaplengte minder dan een halve kopbreedte is, kun je een op maat geknipte- of gezaagde passteen verwerken. Zo past ClickBrick Pure altijd in alle muurdambreedtes.

ClickBrick-Pure-gevel-detail-e1639672147637-700x700

3. Ken je constructie, voor een sterke gevel

ClickBrick Pure is in feite bedoeld als buitenblad van een spouwmuurconstructie. Er is alleen wel een belangrijke voorwaarde voor het binnenblad: deze moet namelijk ‘stijf’ en volledig ‘winddragend’ zijn. Dit is belangrijk omdat drooggestapelde gevelstenen van zichzelf geen sterkte kennen. Denk bijvoorbeeld aan wind: een ‘horizontale belasting’. Deze gaat via de spouwankers naar het binnenblad. En die moet dan dus wel tegen een (wind)stootje kunnen.

4. Bereid de verwerking goed voor

Het gezegde: ‘een goed begin is het halve werk’ is altijd een inkoppertje. En dat geldt zéker voor een circulaire gevel met ClickBrick Pure. Bepalend voor een mooi eindresultaat is namelijk dat je de eerste laag, de kimlaag, goed stelt. Deze kimlaag moet 100% vlak en horizontaal gemetseld zijn. Als je de eerste laag ClickBrick Pure met de onderzijde boven plaatst, is een vlakke ondergrond beter uitvoerbaar.

Tip!

Zorg er bij elke volgende laag ClickBrick Pure voor dat de bovenste laag steeds goed schoongeveegd is. Er mag niets blijven liggen. Alleen op die manier hou je de lagenmaat van 62,5 mm vast.

5. Kies het juiste type anker

De bakstenen van het gevelsysteem ClickBrick Pure verbind je met elkaar door rvs verbindingsclips te gebruiken. Bovenop de steen zitten uitsparingen, waarin een rvs spouwanker rond 4mm past. Het spouwanker wordt vastgehouden door rvs verankeringsclips, die op hun beurt weer in de zaagsnede passen. Het verankeringsclipje wordt met een hamer over de rvs spouwanker geslagen. Hiermee is de baksteen verankerd aan de achterliggende stabiele muur.

Er zijn twee soorten spouwankers beschikbaar, afhankelijk van de situatie.

  1. Geprofileerde rvs schroefspouwankers
    Voor een massieve achterconstructie zoals kalkzandsteen, baksteen, gipsblokken of gasbeton. Maar ook houten plaatconstructies en hsb-elementen.
  2. Oogspouwankers (rvs)
    In combinatie met een achterliggende staalconstructie.
standaard steen clickbrick

Hoeveel spouwankers per m2 heb je nodig? Dat is aan de constructeur om te beoordelen. Om een indicatie te geven: vaak voldoet het standaard spouwanker-advies van 6 ankers per m2.

6. Zo ga je de hoek om

Dat je hoek strak is, is belangrijk in een keramische gevel. Daarom gebruik je voor de haakse hoeken de speciaal ontwikkelde dagkantstenen. Deze hebben aan zowel de voorkant als kopse kant een schijnvoeg. Zo is het mogelijk om haakse hoeken te maken. Daarom worden ze ook wel ‘neggesteen’ genoemd. Het hangt even af van de situatie, maar deze baksteen kun je op de bouwplaats op de juiste lengte knippen of zagen

7. Veranker de horizontale eindes van muren

De horizontale eindes van gevels moet je extra verankeren. Dan gaat het bijvoorbeeld om de bovenste drie lagen onder de opening in de buitengevel en op de plek van dakranden. Voor het samenvoegen van deze drie lagen, heb je een muurbeëindigingsklem nodig. Deze bevestig je met een rvs verankeringsclip vóórdat de drie laatste lagen worden geplaatst. De muurbeëindigingsklem gaat aan de achterkant van de stenen weer drie lagen omhoog. En wordt daarna geklemd in één van de vier uitsparingen van de bovenste steen, met alweer een rvs verankeringsclip.

8. Denk aan dilateren

Ook bij ClickBrick Pure moet je de gevel dilateren. In feite betekent dat niets anders dan het aanbrengen van ‘gecontroleerde scheuren’ in het ‘metselwerk’. Om te bepalen waar deze dilataties precies moeten komen, wordt er gekeken naar bijvoorbeeld het verband, de dimensies, de kleur en de oriëntatie van het gevelmetselwerk. Laat je hierover door Aberson goed adviseren.

Maar waarom eigenlijk dilateren?

De redenen kunnen bouwfysisch of bouwtechnisch zijn. Of een combinatie van die twee. Bouwfysisch: dat houdt in dat dilateren nodig is door de spanningen in het metselwerk. Er kunnen scheuren ontstaan doordat het uitzet of krimpt door wisselingen in temperatuur.

  • Bouwtechnisch: dat houdt in dat dilateren nodig is door spanningen in metselwerk door de gekozen bouwkundige constructie.
  • Bouwfysisch én bouwtechnisch: het is nodig te dilateren door de spanningen die komen door zowel temperatuurschommelingen als de gekozen bouwkundige constructie.

Traditionele gevel, maar dan circulair!

Kortom, zoek je circulaire gevelbekleding met een traditionele uitstraling? Dan is ClickBrick Pure je systeem. We gaven je met dit stuk een introductie op de technische kant ClickBrick Pure. Zo weet je in grote lijnen wat er zoal bij deze duurzame gevelbekleding komt kijken. Denk je eraan om met ClickBrick Pure aan de slag te gaan? Neem dan contact met ons op, dan geven we je een helder advies op maat!

Hoewel dit blog met zorg is geschreven, kunt u er geen rechten aan ontlenen. Raadpleeg onze adviseurs voordat u met ClickBrick Pure aan de slag gaat.

Alles lezen over ClickBrick Pure?
Ga naar de Aberson Special.

We helpen je graag

Meer weten?

Neem contact op met onze specialist Rolf Kramer.

Neem contact op
Rolf Kramer Aberson